Gevolgen van behandelingen


De behandelingen bij kanker kunnen gevolgen hebben voor de beleving van seksualiteit en intimiteit. Voor een deel komt dat wellicht door de fase waarin u zit. Door onzekerheid, angst en sombere gevoelens verdwijnt seksualiteit meer naar de achtergrond. Tijdens behandelingen draait het vaak vooral om overleven. Daarnaast hebben de behandelingen zelf mogelijk ook invloed op uw lichaam, zelfbeeld en relatie. Hoe, voor hoe lang en in welke mate dat gebeurt, hangt samen met de behandelingen die u krijgt. Ook zijn er verschillen tussen de gevolgen voor mannen en vrouwen.

Samen met bestraling en operatie is chemotherapie de meest toegepaste behandeling bij kanker. Helaas heeft chemotherapie niet alleen invloed op de kankercellen, maar ook op gezonde cellen in uw lichaam. Vooral gezonde cellen die zich snel delen, reageren op chemotherapie. Het gaat daarbij onder andere om slijmvliescellen (bijvoorbeeld in de darmen, de mond of de vagina) en huidcellen. Chemotherapie kan veel bijwerkingen geven. Veel mensen voelen zich ziek door chemotherapie door klachten als misselijkheid, braken en vermoeidheid en hebben daardoor geen zin in seks. En door gewichtsverlies en haaruitval voelen mensen zich soms minder aantrekkelijk. Sommige vormen van chemotherapie kunnen zenuwschade veroorzaken, waardoor de gevoeligheid voor aanrakingen minder wordt. Aanrakingen kunnen juist ook onprettig voelen.

Daarnaast zijn er klachten die specifiek bij mannen en vrouwen voor komen.

Vrouwen
De meeste seksuele klachten bij vrouwen gaan meestal weer over als de behandeling is afgelopen.

Overgangsklachten
Tijdens chemotherapie maken de eierstokken minder of geen oestrogenen meer aan. Ook de productie van het hormoon testosteron in de eierstokken en bijnieren loopt terug. Door de hormonale veranderingen ontstaan verschijnselen die vrouwen in de overgang ook hebben.
Bijvoorbeeld:

  • Opvliegers
  • Droge, ge√Įrriteerde vagina doordat het slijmvlies dunner wordt
  • Pijn of een branderig gevoel bij geslachtsgemeenschap
  • Onregelmatige menstruaties
  • Minder zin in seks
  • Onvruchtbaarheid.

Deze klachten kunnen na de chemotherapie weer overgaan. Soms blijven ze bestaan.

Verminderde weerstand
Tijdens de chemotherapie is de weerstand vaak verminderd. Daardoor bent u gevoeliger voor vaginale infecties, zoals schimmelinfecties. En een herpesinfectie die ‚Äėrustig‚Äô was, kan ineens weer opvlammen. Het is belangrijk om infecties snel te laten behandelen, omdat ze door de verminderde weerstand grotere gevolgen kunnen hebben.

Mannen
Doordat de productie van testosteron bij chemotherapie verlaagd is, hebben de meeste mannen tijdens chemotherapie minder zin in seks en minder of geen erecties. Die klachten zijn vaak snel over zodra de behandeling afgerond is.

Na een hoge dosis chemotherapie (bijvoorbeeld bij een stamceltransplantatie) kan de hoeveelheid testosteron langdurig of voor altijd laag blijven. De klachten blijven dan ook bestaan. Een testosterontekort kan meestal wel behandeld worden. Er zijn bijvoorbeeld huidgels die het testosterontekort aanvullen. Mannen kunnen blijvend onvruchtbaar worden door chemotherapie. De kans dat dit gebeurt, is afhankelijk van de soort en de totale hoeveelheid chemotherapie die u krijgt. Heeft u nog een kinderwens, dan kunt u misschien sperma laten invriezen.

Zwanger worden of kind verwekken
Het wordt afgeraden om tijdens en vlak na chemotherapie zwanger te worden of een kind te verwekken. Chemotherapie kan gevaarlijk zijn voor het kind.
Met uw arts kunt u overleggen welk voorbehoedsmiddel u het beste kunt gebruiken. En hoelang u het beste kunt wachten met zwanger worden. Meestal adviseren artsen om tot minstens 6 maanden na de behandeling een voorbehoedsmiddel te gebruiken. Daarna is er geen kans meer dat de chemotherapie gevaarlijk is voor een baby.

Mag ik seks hebben tijdens chemotherapie?
Seks, zoals vaginale, anale en orale seks en masturberen zijn geen probleem tijdens chemotherapie, zolang het geen pijn of bloedingen veroorzaakt. Het is alleen niet zeker of de chemotherapie via sperma of vaginaal vocht ‚Äėovergedragen‚Äô kan worden aan een seksuele partner. De meeste artsen adviseren daarom om tijdens de chemokuur tot een week daarna een condoom te gebruiken. Dat geldt zowel voor vaginale, anale als orale seks. Er is echter nog vrij weinig over bekend. Uw arts kan dus een ander advies geven.

Het kan zijn dat uw partner vindt dat u anders ruikt en smaakt. Dat komt door de chemo.

Bestraling veroorzaakt vaak vermoeidheid. Dat alleen al kan een reden zijn dat u minder of geen zin hebt in seks. Of en welke gevolgen bestraling verder heeft voor uw seksleven hangt vooral af van het gebied dat bestraald is. De straling vernietigt naast de kankercellen namelijk ook vaak gezond weefsel.

Slijmvliezen zijn bijvoorbeeld zeer gevoelig voor bestraling. U kunt al na een paar dagen last hebben van klachten, zoals een pijnlijke vagina, een droge mond, diarree en bloed in de urine of ontlasting. Bij bestraling in de mond kan het speeksel anders smaken. Ook kunt u uit uw mond ruiken. Zoenen met uw partner is daardoor misschien minder prettig. Meestal zijn dit tijdelijke klachten.

Langetermijngevolgen van bestraling bij vrouwen

Bij vrouwen kan bestraling in de onderbuik en de vagina blijvende gevolgen hebben. Bestraling in de vagina kan bijvoorbeeld leiden tot een vernauwing van de vagina. Daardoor kan vaginale seks pijn doen. Soms wordt het zelfs onmogelijk om vaginale seks te hebben. Het kan helpen om na de behandeling zogeheten pelottes te gebruiken. Dit zijn staafjes die u in de vagina inbrengt om te voorkomen dat de vagina nauwer wordt. U leest hier meer over op de pagina over gynaecologische kanker.

Bij borstkanker kan de huid na bestraling stug en hard aanvoelen waardoor aanrakingen niet meer prettig zijn. U voelt er misschien minder van of de aanraking doet juist pijn. Sommige vrouwen zijn kortademig na bestraling bij borstkanker. Daardoor zijn ze sneller moe en hebben ze minder zin in seks.

Langetermijngevolgen van bestraling bij mannen. Bij mannen kan bestraling onderin de buik, bijvoorbeeld bij prostaatkanker of darmkanker, een erectiestoornis veroorzaken doordat bloedvaatjes en zenuwen naar de penis beschadigd raken. Ook kan de aanmaak van testosteron verstoord raken.

Het orgasme verandert soms. Er is bijvoorbeeld geen zaadlozing meer bij het orgasme en/of het gevoel is veranderd.
Op de pagina’s die zijn gewijd aan de verschillende vormen van kanker, leest u meer over de gevolgen van bestraling.

Mag ik seks hebben in de periode dat ik word bestraald?
Ja, als u wilt, mag u seks hebben of masturberen. Ook orale seks mag. Dit heeft geen invloed op het resultaat van de bestraling of andere behandelingen. Het is wel belangrijk dat het geen pijn of bloedingen veroorzaakt.

Is de bestraling gevaarlijk voor mijn partner?
Nee. U mag gewoon seks hebben in de periode dat u wordt bestraald. U bent niet radioactief. Alleen bij inwendige bestraling bent u tijdelijk radioactief. Overleg dan met uw arts of en wanneer u seks kunt hebben.

De gevolgen van een operatie zijn uiteraard erg afhankelijk van het geopereerde gebied. Een operatie kan een direct effect hebben, bijvoorbeeld als het gaat om een operatie aan de penis borsten, teelballen, vagina of prostaat. Operaties kunnen ook indirect effect hebben op seksualiteit, bijvoorbeeld als tijdens de operatie zenuwen of bloedvaten beschadigd raken, waardoor er geen erectie meer mogelijk is of waardoor de vagina niet meer vochtig wordt.

Een operatie kan ook gevolgen hebben voor de seksuele identiteit en relatie. Het zelfbeeld kan bijvoorbeeld veranderen door littekens of de aanleg van een stoma. Ook partners kunnen daar moeite mee hebben, waardoor de operatie ook effect kan hebben op de relatie.

Op de pagina’s over de verschillende vormen van kanker leest u meer over de gevolgen van de operatie.

Gevolgen medicijnen
Bij de behandeling van kanker zijn vaak medicijnen nodig tegen de bijwerkingen van de behandelingen. Bijvoorbeeld misselijkheid bij chemotherapie of klachten die horen bij een vervroegde overgang. Helaas kunnen deze medicijnen op hun beurt ook weer bijwerkingen geven die direct of indirect invloed hebben op de beleving van seksualiteit:

  • Corticostero√Įden (ontstekingsremmers) kunnen zorgen voor gewichtstoename, waardoor u zich minder aantrekkelijk voelt. Gebruikt u lange tijd corticostero√Įden, dan kan dat invloed hebben op uw hormoonhuishouding, waardoor u minder zin in seks kunt krijgen en vermoeid kunt zijn
  • Het gebruik van middelen tegen depressie (antidepressiva) kan ervoor zorgen dat u weer zin in seks krijgt als dat niet zo was. Tegelijkertijd hebben de meeste antidepressiva juist als bijwerking dat de zin in seks afneemt. Ook erectieproblemen, late zaadlozing, pijn bij het vrijen of juist gevoelloosheid komen voor. De helft van de mensen die paroxetine (Seroxat), cipramil en venlafaxine (Efexor) gebruiken, bereikt geen orgasme tijdens seks
  • Medicijnen tegen misselijkheid kunnen slaperigheid veroorzaken.

Dit overzicht is niet compleet. Heeft u vragen over de bijwerkingen van medicijnen die u gebruikt? Bespreek dit dan met uw arts of apotheker.

Gevolgen hormoontherapie (anti-hormonale therapie)
Tumoren die gevoelig zijn voor hormonen, kunnen behandeld worden met anti-hormonale therapie:

  • Prostaatkankercellen hebben voor hun groei testosteron nodig. Om de groei te stoppen, kan een antihormonale behandeling helpen. Dan ontstaan verschijnselen die horen bij een testosterontekort, zoals minder zin in seks, minder erotische gedachten, erectieproblemen, vermoeidheid en stemmingswisselingen.
  • Bij borstkanker is de tumor vaak gevoelig voor vrouwelijke hormonen. Bij deze vrouwen wordt de aanmaak van oestrogenen stilgelegd of de toegang van oestrogenen tot de tumorcel wordt geblokkeerd. Dit leidt vaak tot klachten die ook voorkomen bij een vervroegde overgang, zoals vaginale klachten (droogheid en bloedverlies), pijn bij geslachtsgemeenschap en minder zin in seks.

Seksualiteit en intimiteit als u niet meer beter wordt
Ook als kanker in een vergevorderd stadium is, kan er behoefte zijn aan intiem lichamelijk contact. Misschien heeft u juist nu behoefte aan fysieke intimiteit om uitdrukking te geven aan uw verbondenheid. Dichtbij elkaar zijn, zegt soms meer dan woorden. Het kan helpen om afscheid te nemen. Tegelijkertijd kan elkaar aanraken ook de harde realiteit verder onder een vergrootglas leggen. Bijvoorbeeld doordat zo nog duidelijker wordt hoe kwetsbaar, mager of veranderd iemand met kanker is. Partners kunnen daardoor ook terughoudend zijn. Ze zijn misschien bang om hun geliefde te beschadigen, pijn te doen of zelfs om de ziekte te versnellen. Dat laatste gebeurt overigens niet. Soms zijn er religieuze of culturele redenen om in deze fase seksualiteit af te wijzen.

Er is geen goed of fout, iedereen beleeft dit op zijn eigen manier.
Heeft u meer of juist minder behoefte aan seksualiteit en lichamelijke intimiteit dan uw partner? Probeer er met elkaar over te praten. Dit kan gevoelens, zoals angsten en twijfels, aan het licht brengen, die misschien op te lossen zijn.